|
robheus
|
 |
« Antwoord #3 Gepost op: 15 Mei 2010, 15:11:34 » |
|
Het is denk ik een misvatting om te stellen dat het geldsysteem, dat kennelijk een aantal fundamentele problemen kent, ook maar een milimeter zou verbeteren door handels- of geldsystemen met andere technieken te gaan uitvoeren. Het omvormen van geld van een materiele kwaliteit (munten en bankbiljetten) naar virtuele kwaliteit (electronisch geld) veranderd dus niets aan de eigenschappen en gebreken van het huidige geld stelsel.
Geld is in feite niets anders dan de uitdrukking van bepaalde ruil- en eigendomsverhoudingen. Het veranderen van de fysieke vorm van geld veranderd helemaal niets aan die ruil- of eigendomsverhoudingen.
Op dit moment is al een groot deel van het geld omgevormd in electronisch geld. De moderne bankkluizen bestaan uit datacenters. Ook al zouden die datacenters in vlammen opgaan, daarmee is het geld, als uitdrukking van reel bestaande verhoudingen, nog niet verdwenen.
Ofwel, geld bestaat in objectieve vorm, als weerspiegeling van reel bestaande ruil- en sociale verhoudingen, maar heeft zelf niet noodzakelijk een materiele vorm.
Maar dit roept vervolgens de vraag op: als de materiele hoedanigheid van geld er niet toe doet, waaruit bestaat dan wél de kritiek op het huidige geldsysteem, wat door haar huidige crisis aantoont in fundament niet goed te functioneren?
Die vraag laat ik hier eerst nog even onbeantwoord (men kan een compleet forum vullen met de beantwoording ervan), maar merk alvast wel op dat bij het ontwerpen van een nieuw geldsysteem, het er uiteindelijk om gaat om de bestaande sociale verhoudingen (bezits- en machtsverhoudingen) revolutionair te wijzigen of om te vormen, waarbij de ene (machts)structuur wordt vervangen door een andere, aangezien geld in wezen niets anders is dan een uitdrukking van die sociale structuur.
Geld is daarom altijd verbonden met een bepaalde machtsstructuur - de staat - die het slechts in beperkte mate zal toelaten dat haar machtsbasis zal worden aangetast. Zolang het om onschuldige, over het geheel van de geldstromen feitelijk niet ter zake doende, hoeveelheden parallele geldstromen gaat, is dat nog te accepteren, maar als zo'n alternatieve geld-economie in potentie in staat is om de gehele bestaande orde omver te werpen, dan wordt het uiteraard anders, en zal de staat met machtsvertoon ingrijpen om zo'n experiment voortijdig om zeep te helpen.
Dit betekent dus dat er al bij voorbaat limitieten bestaan waarbinnen zo'n alternatieve geldeconomie zou kunnen uitgroeien. Maar als zo'n alternatieve geldeconomie een bedreiging zou kunnen gaan vormen voor de heersende economische orde, zal daar repressie tegenover worden gezet.
Dat aspect mag niet onderschat worden.
|